Reconstitutiegids
Wat je nodig hebt
- De vial met gelyofiliseerd poeder.
- Bacteriostatisch water als oplosmiddel (steriel water met 0,9 % benzylalcohol).
- Een steriele spuit of pipet met schaalverdeling om het oplosmiddel af te meten en over te brengen.
- Alcoholdoekjes (70 % isopropylalcohol) om de rubberen stoppen te reinigen.
- Handschoenen en een schone werkplek.
Losse labbenodigdheden vind je in Lab-accessoires.
De werkwijze in vijf stappen
01 — Voorbereiden
Leg alles klaar voordat je begint en laat de vial op kamertemperatuur komen.
Labtip: koud glas geeft condens in de vial; twintig minuten op de werkbank is meestal genoeg.
02 — Stoppen reinigen
Reinig de rubberen stop van de peptidevial en van de flacon met oplosmiddel met een alcoholdoekje en laat ze drogen.
Labtip: raak de gereinigde stop daarna niet meer aan.
03 — Oplosmiddel toevoegen
Onttrek het berekende volume bacteriostatisch water uit de flacon en laat het langzaam langs de glaswand in de vial lopen, niet direct op het poeder.
Labtip: de rekenhulp rekent uit hoeveel oplosmiddel je nodig hebt voor de concentratie die je wilt.
04 — Oplossen
Zwenk voorzichtig tot het poeder volledig is opgelost. Niet schudden. De oplossing hoort helder te zijn.
Labtip: blijft de oplossing troebel of zie je vlokken, noteer dan het lotnummer en neem contact op.
05 — Labelen en bewaren
Schrijf de datum en de concentratie op het label. Bewaar de oplossing bij 2–8 °C, uit het licht, en gebruik haar binnen de termijn die bij het product staat. Ongeopende, gelyofiliseerde vials bewaar je bij −20 °C.
Labtip: over drie weken weet je de concentratie niet meer uit je hoofd.
Veelgemaakte fouten
- Het oplosmiddel met kracht op het poeder laten lopen.
- Schudden in plaats van zwenken.
- Kraanwater of water zonder conserveermiddel gebruiken voor een oplossing die je langer wilt bewaren.
- Een opgeloste vial terug in de vriezer zetten.